Beleid

Om het Nederlandse water zo goed mogelijk te beheren wordt er in Nederland op vele niveaus beleid samengesteld, op basis van de actuele wet- en regelgevingen. Voor meer informatie over de actuele stand van zaken op dit gebied kunt u o.a. terecht op de volgende twee websites:

www.helpdeskwater.nl - Het loket van de Rijksoverheid voor alle vragen over waterbeheer en waterbeleid in Nederland.

www.infomil.nl - Kenniscentrum InfoMil is het centraal informatiepunt voor wet- en regelgeving op milieugebied en het omgevingsdomein.

Landelijk beleid

Binnen het landelijk beleid wordt rekening gehouden met de diverse beleidskaders. De belangrijkste zijn het Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW), de Waterwet en de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW).

Het Nationaal Bestuursakkoord Water heeft tot doel om het watersysteem in Nederland op orde te krijgen en daarna op orde te houden. Het gaat daarbij om het aanpakken van de gevolgen van de zeespiegelstijging, bodemdaling en een veranderend klimaat. De Kaderrichtlijn Water is een Europese richtlijn die als doel heeft de oppervlakte- en grondwaterkwaliteit te waarborgen. Het NBW en de KRW leiden naast de aanleg van waterbergende en waterafvoervertragende voorzieningen tot verbeteringsmaatregelen aan de riolering en/of het oppervlaktewater.

In de Waterwet zijn onder andere de wet Verankering en Bekostiging en Verantwoording Gemeentelijke watertaken, de wet op de waterhuishouding en de wet milieubeheer aangepast. Het hemelwater –en grondwaterbeleid is met deze wet verankerd in de regelgeving. Volgens de nieuwe wetgeving is er voor de gemeente sprake van drie zorgplichten:

  • Zorgplicht voor inzameling n transport stedelijk afvalwater (wet Milieubeheer)
  • Zorgplicht voor afvloeiend hemelwater (per 1 januari 2008 van kracht, opgenomen in Waterwet)
  • Zorgplicht voorkomen structureel nadelige gevolgen van grondwater (per 1 januari 2008 van kracht, opgenomen in Waterwet)

Sinds eind 2000 is de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) van kracht. Deze moet ervoor zorgen dat de kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater in Europa in 2015 op orde is. Om dit te bereiken moeten de landen van de Europese Unie een groot aantal maatregelen nemen. Enerzijds om de kwaliteit van de ‘eigen’ wateren op peil te brengen, anderzijds om ervoor te zorgen dat andere landen geen last meer hebben van de verontreinigingen die hun buurlanden veroorzaken.

Lokaal beleid

In het kader van bovenstaand wettelijk kader heeft elke gemeente de verplichting om periodiek een (verbreed) gemeentelijk rioleringsplan op te stellen. In het vGRP staat hoe de gemeente haar gemeentelijke watertaken gaat uitvoeren. Deze taken zijn wettelijk vastgelegd en hebben betrekking op het afvalwater, grondwater en hemelwater in de gemeente. Het vGRP beschrijft het beleid, de ambities en de te nemen maatregelen voor de aankomende periode (meestal 4 of 5 jaar). Daarnaast bevat het vGRP de onderbouwing van de gemeentelijke rioolheffing.

Het waterbeheerplan 'Krachtig Water' is een strategisch document van waterschap De Dommel. Hierin geeft zij aan wat haar doelen zijn voor de periode 2016-2021 en hoe zij die wil bereiken. Het plan is afgestemd op het Stroomgebiedsbeheerplan Maas, het Nationaal Waterplan en het Provinciaal Waterplan. De doelen zoals gesteld in dit plan worden op projectbasis door het waterschap uitgewerkt in concrete maatregelen. Voor meer informatie zie de website van Waterschap de Dommel.

Samenwerking in de afvalwaterketen

In het Voorjaar 2011 is er op rijksniveau een bestuursbesluit genomen om samenwerking in de afvalwaterketen verder uit te werken. Dit heeft in april 2011 geleid tot een Bestuursakkoord Water tussen de Unie van Waterschappen (UvW) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Het doel van het NBW is om, in 2020, 450 miljoen euro te besparen bij de productie van drinkwater, de riolering en de afvalwaterzuivering. Waterschappen en gemeenten zorgen voor 380 miljoen van die besparingen; drinkwaterbedrijven voor 70 miljoen.

Het behalen van de gewenste besparingen vraagt om een doelmatiger waterbeheer. Dat wil zeggen: kwaliteit, maar tegen lagere kosten. Door efficiënter te werken met andere organisaties, kan er structureel bespaard worden. Dat kan bijvoorbeeld door de controle- en toezichtsfunctie te verminderen. Maar ook door meer samen te werken en van elkaars expertises te profiteren en door duidelijke afspraken te maken wie wat doet.

Samenwerkingsverbanden: Waterportaal Zuid-Oost Brabant en De Meijerij

Waterschap de Dommel, Brabant Water en de gemeenten Bergeijk, Bladel, Cranendonck, Eersel, Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Heeze-Leende, Nuenen, Reusel-De Mierden, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven, Waalre werken al geruime tijd in verschillende werkvormen samen. Om de samenwerking te formaliseren en te intensiveren is het Waterportaal Zuid-Oost Brabant opgericht. Met het oog op een vergaande samenwerking is in beeld gebracht waar voor een doelmatige uitvoering van de watertaken samenwerking een vereiste is, op welke vlakken het slim is om samen te werken en waar samenwerking minder voor de hand ligt. Om de gezamenlijke uitvoering van de watertaken handen en voeten te geven is een meerjarenprogramma 2013-2020 opgesteld. Vanwege de geografische ligging heeft de gemeente Oirschot zich aangesloten bij het samenwerkingsverband De Meierij.

Kempengemeenten

Sinds 2003 werken de gemeenten Bergeijk, Bladel, Eersel, Oirschot en Reusel-De Mierden intensief samen op diverse gebieden. De bedoeling is om op deze manier kwalitatief beter en efficiënter te kunnen werken: samen is immers beter dan alleen! Een van de resultaten van deze samenwerking is de oprichting van het Shared Service Center Kempengemeenten. Op www.kempengemeenten.nl vindt u informatie over de samenwerking in het algemeen en over de onderdelen waarop wordt samengewerkt.